Inleiding
Anjerspintmijt (Tetranychus cinnabarinus) en californische trips (Frankliniella
occidentalis) zijn de twee belangrijkste plagen in de teelt van anjers. Deze twee plaagorganismen zijn moeilijk met chemische middelen te bestrijden. Spint leeft aan de onderkant van het blad en is via een gewasbespuiting moeilijk te raken doordat de gewasopbouw erg dicht en compact is. Trips leeft diep verscholen in de groeipunten en in de knoppen, zodat ook daar moeilijk met een gewasbeschermingsmiddel bij is te komen. Een ander belangrijk aspect is dat de op het anjergewas aanwezige waslaag snel door chemische gewasbeschermingsmiddelen wordt aangetast. Dit leidt tot vermindering van de sierwaarde, en dus ook vaak tot opbrengstderving. Als gevolg hiervan is er voor de anjerteelt slechts een zeer beperkt pakket aan middelen beschikbaar.
Geïntegreerde gewasbescherming in anjer wordt tot nu toe nauwelijks toegepast. Eén van de redenen is de vaak lage teelttemperatuur, waarbij natuurlijke vijanden zich relatief trager ontwikkelen dan de plagen.