Advies
Zet één week voor de bloei, als de planten elkaar beginnen te raken 3.000 A. swirkii zakjes per hectare uit. Door gebruik te maken van de kweekzakjes wordt sneller een roofmijtpopulatie opgebouwd in vergelijking met het uitstrooien van A. swirskii (ervaring 2004 / 2005). Dit heeft te maken met de grotere hoeveelheid roofmijten die uit de zakjes lopen.
Het uitzettijdstip hangt natuurlijk ook af van het gebruik van chemische middelen die eventueel bij de start van de teelt zijn gebruikt.
Standaard is om vanaf de bloei één D. hesperus per m² uit te zetten. (let op: het gebruik van D. hesperus is alleen mogelijk indien er een ontheffing voor deze roofwants is verkregen).
Preventief moet 2 keer 0,3 Orius laevigatus per m² worden ingezet ter bestrijding van volwassen trips. Verder is het van belang om volgens een (preventief) schema de sluipwespen Encarsia formosa en Eretmocerus eremicus uit te zetten.
Witte vlieg
Direct na het planten of 3 weken na de laatste abamectine behandeling starten met wekelijks preventief uitzetten van Encarsia formosa. Twee weken daarna kan Dicyphus hesperus worden uitgezet. Dicyphus draagt nauwelijks bij aan de verspreiding van Mucor, i.t.t. de veelal gebruikte roofwants Macrolophus. Het is belangrijk Dicyphus zo vroeg mogelijk in de teelt in te zetten om ondanks de tragere ontwikkelingssnelheid toch tijdig een populatie in het gewas te hebben. Bij onvoldoende voedselaanbod in het gewas, de roofwantsen elke 2 weken op het blad bijvoeren met Ephestia eieren.
Bij aanwezigheid van witte vlieg het aantal sluipwespen aanpassen aan infectie druk en overgaan op een mengsel van Encarsia formosa en Eretmocerus eremicus. Indien Bemisia tabaci aanwezig is ook Eretmocerus mundus inzetten. Op haarden gedurende een aantal weken Eretmocerus eremicus uitzetten. Zet wekelijks sluipwespen uit totdat er 85% parasitering is of tot er voldoende roofwantsen aanwezig zijn.
De roofmijt A. swirskii geeft een grote bijdrage aan de bestrijding van beide witte vlieg soorten. Daarom één week voor de eerste bloei preventief kweekzakjes met A. swirskii introduceren; minimaal 3.000 kweekzakjes per hectare.
Bij een te hoge druk van witte vlieg kan 2-3x spuiten met het schimmelpreparaat Mycotal-Addit het niveau sterk verlagen.
Trips
Ook vanwege trips is het belangrijk om één week voor de eerste bloei preventief kweekzakjes met Amblyseius swirskii te introduceren: minimaal 3.000 per hectare.
Vanaf week 10 preventief Orius laevigatus inzetten. Echter als er dan al een voldoende populatie A. swirskii aanwezig is én er is Dicybug ingezet, kan de inzet van Orius eventueel achterwege blijven. Bij signaleren van trips vóór week 10 wel direct Thriporinzetten!
Bij toename van trips op haarden extra Orius of extra Amblyseius swirskii strooien.
De roofwantsen Dicyphus (en Macrolophus) hebben een neveneffect op Echinothrips americanus.