Onderzoeksresultaten in aardbei
In 2004 en 2005 heeft Koppert bij vier bedrijven in Nederland proeven uitgevoerd met Amblyseius swirskii in aardbei. Bij de meeste proefbedrijven is A. swirskii preventief ingezet en is gekeken of de roofmijt zich kan vestigen in een bloeiend aardbeiengewas. In deze proeven waren de roofmijten in lage aantallen op de bladeren en in de bloemen waar te nemen. Het is bekend dat Amblyseius cucumeris ook zeer moeilijk in aardbei is terug te vinden. Hierom is besloten om een proef uit te voeren waarbij beide soorten roofmijten bij één bedrijf in twee verschillende vakken zijn uitgezet. Vervolgens is gekeken welke roofmijt het meest werd waargenomen. Resultaat van die proef was dat A. swirskii duidelijk meer werd terug gevonden dan A. cucumeris. (zie grafiek 1) Het aantal roofmijten dat in deze proef (een zomerteelt met licht trips aanwezig) werd waargenomen was aanzienlijk hoger dan in andere proeven waarbij het plaagniveau nihil was.
Naast trips, witte vlieg en spint is aardbeimijt (Tarsonemus pallidus fragariae) een plaag in aardbei die met A. swirskii bestreden kan worden. In een proef die in het laboratorium is uitgevoerd zijn op 10 bladeren met aardbeimijt per 15 aardbeimijten 1 A. swirskii vrouwtje uitgezet. Bij aanvang van de proef varieerde het aantal aardbeimijten per blad tussen de 29 en 63. Per blad zijn dus 2 tot 4 A. swirskii uitgezet. Resultaat was dat de hoeveelheid aardbeimijt snel afnam terwijl de roofmijt in aantal steeg. (zie grafiek 2).
Resultaat
• A. swirskii kan zich vestigen in aardbei
• In aardbei wordt A. swirskii in hogere aantallen waargenomen dan A. cucumeris wanneer beide soorten roofmijten in gelijke aantallen zijn ingezet
• A. swirskii predeert aardbeimijt
aardbei_grafiek_1__roofmijten__swirskii__cucumeris.gif Bekijk grafiek 1. Aantal A. swirskii en A. cucumeris wanneer beide soorten in gelijke aantallen zijn uitgezet. |
aardbei_grafiek_2_aardbeimijten__swirskii.gif Bekijk grafiek 2. Gemiddeld aantal aardbeimijten en A. swirskii per blad. |