Advies
Plaagdruk meten
Direct bij de start van de teelt 50 signaalplaten/ha (Horiver) ophangen voor het volgen van trips en witte vlieg aantasting. Wekelijks minimaal 25 vangplaten per ha tellen geeft belangrijke informatie voor het bepalen van de beste inzet strategie van natuurlijke vijanden.
Trips
Preventief Hypoaspis aculeifer inzetten op de bodem of de potten: 100 roofmijten per m². Twee weken vóór de start van de bloei Amblyseius cucumeris kweekzakjes introduceren: 4.000 zakjes/ha. Wanneer trips wordt waargenomen bij de start van de teelt, direct bij de bloei extra A. cucumeris bij strooien: 100 roofmijten per m².
Indien er grote kans is dat witte vlieg snel in het gewas aanwezig is (plaagdruk meten op signaalplaten) dan direct bij de eerste bloei 4000 kweekzakjes Amblyseius swirskii per ha introduceren. In dat geval is inzet van A. cucumeris niet nodig.
Zodra trips verschijnt op de vangplaten of in het gewas de Orius laevigatus roofwantsen introduceren: 0,5 per m². In tripshaarden onmiddellijk extra roofwantsen introduceren om de plaag snel onder controle te brengen en indien aanvullende bestrijding nodig is een hoge dichtheid vangplaten in de haarden ophangen: 1 per 10 m².
Witte vlieg
Naast de inzet van A. swirskii, vanaf signaleren eerste witte vlieg wekelijks 3-6 sluipwespen per m² inzetten. Gebruik een mengsel van Encarsia formosa en Eretmocerus eremicus.
Voor correctie in haarden: plaatselijk of volvelds Savona spuiten (1%) met voldoende water. Extra vangplaten ophangen:1 per 10 m².